Ooit een quokka gezien?
Nee? Echt? Jammer.
Een quokka maakt je dag gegarandeerd goed. Het moet in 2016 geweest zijn dat ik voor het eerst oog in oog stond met dit heerlijke wezentje. Je vergeet het nooit. Een quokka is een kleine kangoeroe (al zou je dat niet meteen zeggen) die leeft in Australië. Het is, bij mijn weten (wat, eerlijk gezegd, geen garantie is), het enige dier dat altijd lacht. Het hoeft niets te drinken … het lacht altijd.
Ooit de knieën van een pinguïn gezien?
Nee? Echt? Jammer.
Ik wel. Ik heb ze gezien. Niet aan de pool, maar bij Boulders Beach in Zuid-Afrika. Daar leeft een kleine pinguïnsoort die de hebbelijke gewoonte heeft om onder de auto’s op de parking te gaan zitten.
Er staan borden die vragen om eerst te kijken, maar ik ben eind de tachtig en als ik onder mijn auto wil gaan kijken, moet die pinguïn mij er weer van onder halen. Toen ik daar voor het laatst was, was de eigenaar van de auto die naast me stond niet zo aandachtig geweest. En daardoor heb ik ooit de knieën van de pinguïn gezien. Redelijk plat. Ik wil ze hier wel verder beschrijven, maar je vraagt je, na dit alles, wellicht af waarover ik hier zit te lullen op een whiskyblog.
Wel. Ik zit rond de pot te draaien, want ik heb slecht nieuws. En ik weet niet hoe eraan te beginnen.
Kijk. Het gaat niet zo best in Schotland.
De Lindores Abbey-distilleerderij in Fife heeft het moeilijk. Het bedrijf (van de familie Mackenzie Smith) moest een paar van zijn werknemers de deur wijzen. Niet bij de productie, maar in de randactiviteiten. Diageo moest begin dit jaar het bezoekerscentrum van de Clynelish-distilleerderij in Brora sluiten. Ze hadden daar nog miljoenen ponden in gepompt. Suntory Global Spirits voegt de productieteams van Bowmore en Laphroaig op Islay samen; die zullen dus af en toe bij de ene en de andere aan de bak komen. Het laatste jaar zijn in de Schotse whiskyindustrie zo’n duizend jobs verdwenen. En er zijn er al niet zo veel. Brewdog, een grote speler met eigen brouwerij, bars en hotels, was van plan een distilleerderij te starten in Aberdeenshire. De plannen waren nog niet helemaal droog, of ze trokken er al de stekker uit. Geen distilleerderij en de hele boel staat zelfs te koop.
Maar we weten hoe het komt: het botert niet in de wereldhandel. En daar kunnen we nog lang over doorbomen. Maar dat brengt geen whisky op de plank.
De kans is klein, maar misschien zeg je nu binnensmonds: het komt door die duivelse drank.
Wel, dat is veeeeeel te kort door de bocht.
Kijk hier: als je het zonder whisky wilt doen, is het ook niet goed! Het glorierijke Stromness Hotel op Orkney wilde het nu eens doen zonder alcohol. 0,0 was de boodschap in het hotel … no booze, over de hele lijn …
Stromness Hotel staat te koop.
Ik zou nog een paar voorbeelden kunnen geven, maar ik doe het niet.
Ik weet maar al te goed, omdat ik ook zo ben, hoe je je nu, na dit alles, voelt.
Maar je weet ook dat je, in moeilijke momenten, altijd op mij kunt rekenen om je op te vrolijken.
Kijk eens wat Benjamin Franklin ontdekte. Hij was een van de ‘Founding Fathers’ van de Verenigde Staten. Maar dat leerden we niet op school. Ze vertelden ons wel dat hij zijn vlieger (letterlijk) opliet midden in een onweer. Wat hier niet echt, maar wel ten onrechte, op intelligentie wijst.
Hij wilde bewijzen dat bliksem eigenlijk gratis elektriciteit was. Maar Franklin was op vele terreinen thuis. Anatomie, bijvoorbeeld. In het bijzonder: de bovenarm. En speciaal: de elleboog.
Hij schrijft in een brief aan een vriend (heel vrij vertaald): “De plaats van de elleboog in de arm bewijst dat de mens voorbestemd is om uit een glas te drinken. Mocht de elleboog dichter bij de pols gestaan hebben, dan kregen we het glas nooit tot aan de mond. Stond de elleboog dichter bij de schouder, dan gooiden we de hele inhoud van het glas over onze schouder.”
Geen dommerik, die Franklin.
Komaan, bewijs Franklins stelling.
