Begin oktober in de Oude Vismijn te Gent, tijdens het Internationaal Whisky Festival, heb ik een Tomatin 12 jaar geproefd.
“Ja, en dan …?” hoor ik je vragen.
Mijn zin was nog niet voltooid, excuses; het moest zijn: ‘… een Tomatin 12 jaar geproefd, aan de stand van The Whisky House’.
En dat is iets anders.
The Whisky House in Essene, bij Affligem, is niet alleen een schattenkamer vol onverwachte flessen, maar was ook de ‘sluis’ waarlangs diverse Schotse malt whisky’s voor het eerst België binnenzeilden.
De Tomatin 12 jaar, die ik proefde, was er eentje uit hun verzameling en was gebotteld … in 1970.
Vijfenvijftig jaar flessenverblijf!
Het lijkt erop dat het een van de eerste flessen was die Gustaaf De Bolle, de oprichter van The Whisky House, uit Schotland arriveerde.
Gustaaf De Bolle kocht in 1970 een hoevetje en kwam op het idee om daar wat schapen op te houden. Het Suffolk schapenras sprak hem aan en daarom trok hij op kooptocht naar Schotland. In een pub in Edinburgh ontdekte hij echter ook de grote verscheidenheid aan Schotse whisky’s en vooral hoe weinig ervan in België te krijgen waren. Hij liet de schapen voor wat ze waren en kwam met een aantrekkelijke verzameling malts en blends naar huis. België was een whisky-importeur rijker geworden. Een belangrijke importeur, want onafhankelijke bottelaars als Cadenheads, Chieftains, Scott’s Selection en Gordon & MacPhail waren maar al te gretig om er ook hun wagentje aan te koppelen. Gustaaf is niet meer bij ons, maar zoon Geert koestert de zaak (en ook de unieke collectie van zijn vader) met veel kennis en liefde verder.
Terug naar die Tomatin 12 jaar, gebotteld in 1970, waar ik zo blij mee was.
Wel … die was verdomd lekker.
Ik zondig me zelden aan smaaknotities, maar wie zonder zonde is werpe de eerste steen: in die Tomatin zaten de sherrysporen meesterlijk verweven in en omringd van chocolade, honing, fruit, snoep en noten. En dan een ‘eeuwigdurende’ warme, zoet-kruidige afdronk.
Een mens heeft niet veel nodig om gelukkig te zijn.
En dan vroeg ik me af: was die whisky in 1970 ook al zo lekker? Of is die nog beter geworden door vijfenvijftig jaar te rusten in die fles?
Sukkel. Hoe vaak hebben ze niet gezegd dat de rijping stopt, zodra de whisky in de fles zit? In de fles kan de whisky alleen maar slechter worden! Vooral als de inhoud ervan al een stuk gezakt is.
En dat geldt niet enkel voor whisky, maar ook voor de andere distillaten.
Waarom denk je dat ze cognac in een dame-jeanne laten rusten, in zo’n enorme bolvormige fles met een korte, dunne hals? Om te vermijden dat zuurstof en inhoud gekke dingen gaan doen. Daarom.
We weten natuurlijk niet hoe die Tomatin in 1970 smaakte en we zouden dat enkel kunnen achterhalen als we de whisky nu chromatografisch gaan uitsplitsen in alle componenten die erin zitten en dat resultaat dan vergelijken met het chromatografisch verslag uit 1970. Maar dat laatste hebben we niet.
Jammer.
Maar dat verhindert niet dat we, net als met de platte-aarde-aanhangers, we nu ook bottle-aging-adepts hebben. Die beweren dat de whisky in fles wel degelijk verder kan evolueren. In het geval van de platte aarde weet ik ongeveer voor wiet ik moet kiezen, maar voor de bottle-agers is dat wat anders. Ze zeggen dat de natuur zich niet zomaar laat opsluiten. Vooral omdat het spel in de natuur ook niet altijd eerlijk wordt gespeeld: het is in veel gevallen een combinatie van stelen en bestolen worden. Zuurstof, waterstof, koolstof enz. worden van elkaar afgesnoept of stiekem op de rug van een ander gekleefd. Wij staan er bij en we kijken er naar.
Ik weet het niet.
Als ik volgende week langs Essene kom, wip ik nog eens bij De Bolle binnen, misschien heeft hij nog een oude fles staan waar ik het antwoord in kan vinden. We doen het tenslotte voor de wetenschap.
En (nog iets anders) weet iemand waarom dame-jeanne in het Engels ‘demi john’ is?
